FRIESCH DAGBLAD
|
24 november 2003 |
Excentriek Liet Ynternasjonaal
HESSEL FLUITMAN
Na twee avonden met twintig verschillende solisten en groepen
die in twee afdelingen (Fries en Internationaal) om de hoogste
eer streden, rolden vier totaal verschillende winnaars uit de
bus.
Bij Liet Ynternasjonaal liepen de meningen van jury en publiek
niet zo ver uiteen. De muziekstijlen wel. De winnares van de
publieksprijs, Gwenno uit Cornwall met een semi-akoestische
uitvoering van haar lied in het Cornish - een taal die nog
slechts door tweehonderd mensen wordt gesproken - werd bij de
uitslag van de jury derde. De Friese Publieksprijswinnaar kwam
bij de jury achter in de middengroep uit. Op beide avonden
streden twee jongens mee om de hoogste eer en beiden werden op
het laatste moment tweede. Frappant.
In een uitverkocht huis, gevuld met fans en familie van de
bands, werd zaterdagavond gestreden om de trofee van Liet 2003.
Het werd het lied It allerheechste guod. Het historisch
getinte lied over de wereld van Greate Pier in 1515 streek met
de eer. De groep
Bacon and Bones
met Dirk Spek als hun tekstschrijver en componist haalde de
hoofdprijs uit de tombola. Dat deed de groep ze met een tekst
waarin waarden en gezegden uit het verleden gebruikt worden die
nog altijd in het collectieve geheugen van de Friezen liggen
opgeslagen en met een mooi gecomponeerde en afwisselend
gearrangeerde melodie.
Poëtische tekst
Ook was de tekst nog redelijk te verstaan. Dat slaat blijkbaar het meest aan bij de jury. Hoewel, het had heel anders uit kunnen pakken. Door de eenvoud van presentatie en door de poëtische tekst werd Jehannes Reitsma met zijn lied over de sfeer in Peazens en Moddergat een goede tweede.
Het gebruik van een strijkersectie werkte opnieuw door bij het
behalen van de publieksprijs. Tijdens de pauze bleek de groep
Meänder met hun lied Libbensstream bij de luisteraars in
de zaal de meeste indruk te hebben gemaakt.
Jammer dat bij sommige groepen het geluid van de zang werd
weggedrukt door de ritmesectie, zodat de tekst van het lied niet
meer te verstaan was.
Zelfs in de Friese Liet competitie dringen de nieuwe muzikale
verworvenheden door. De rap van Fansels was verfrissend. Vooral
doordat het niet door een medelander in gabberbroek werd gedaan,
maar door een dame achter een toetsenbord. Gabber Andy echter,
speelde min of meer de blues op een scherp afgestelde gitaar.
Het kan verkeren.
Er is wat voor te zeggen dat de groep met de mooiste uitvoering
van een lied, Johran Koning, met Peter Sijbenga, Marcello
Roosenstein en Geppy Haarsma ook de beste compositie afleverde.
Echter dat lied hoorde niet meer bij de afdeling lichte muziek,
maar moest meer bij de serieuze muziek worden geplaatst.
Daardoor plaatste die groep zich in feite buiten het bestek van
het festival.
Tijdens de pauze was de winnaar van Liet Internationaal 2002, de
Catalaanse groep Pomada, te beluisteren. Terug in de zaal werd
het publiek verrast door een Liet2002-superband, samengesteld
uit de winnaars, de tweede en de derde prijswinnaars van vorig
jaar, die even lieten horen waartoe ze nu in staat zijn. Deze
groep gaf een spetterende show weg met veel lef en inzet. Net
zoals Twarres de afgelopen jaren al bewees, gaven de leden van
deze superband ook aan hoever je kunt komen in de muziek. Ook
voor hen zal de Liet-competitie een duwtje in de rug zijn
geweest om verder te komen.
Actiegroep
Tijdens beide avonden stond de actiegroep Te Mal voor de deur om
handtekeningen te verzamelen tegen drastische bezuinigingen door
de provincie op het culturele vlak. Terwijl er in de Provinciale
Voorjaarsnota nog vijf miljoen euro over zou zijn op de
begroting, moet er nu opeens fiks in culturele subsidies worden
gesneden. Er werd bijna zonder uitzondering tegen die
bezuinigingen getekend.
Zondagavond bleek dat de minderheidstalen internationaal nog
volop door muziekgroepen worden gebruikt. Hun muziek wordt
echter niet meer uitsluitend met een gitaartje en een tamboerijn
gespeeld, maar met behulp van steeds meer elektronica en andere
moderne technieken. Het resultaat is ook lang niet altijd meer
onder het kopje folk te schuiven. Het varieert van vriendelijke
pop via hiphop en hardrock tot zingen met een soundtrack.
De winnaar van vorig jaar, de Catalaanse groep Pomada, deed dat
al, maar ook de Galicische zanggroep Anubia maakt er gebruik
van. Hun optredens worden daardoor heel gevarieerd: triozang met
slechts drie tamboerijntjes, daarnaast met begeleiding van
elektrisch versterkte gitaar en accordeon, tot en met de
genoemde soundtrack. Tijdens de presentaties in de pauze kwamen
ze beter uit de verf dan tijdens hun festivaloptreden.
De meest opvallende act van de avond was van de groep die ook de
hoogste prijs in de wacht sleepte: Transjoik uit Lapland of
Sameland. De groep bestaat uit twee slagwerkers die een
identieke drumset bespelen en vaak ook nog tegelijk en twee
zangermuzikanten die beide een keur aan elektronica rond hun
instrument hebben staan. De één bespeelt als hoofdinstrument een
orgel, de ander heeft een gitaar omhangen. De zang bestaat uit
joiken. Dat is: zingen met geluiden vanuit de keel. Het gaat
daarbij niet om teksten, maar om het creëren van sferen.
Het is verbazingwekkend hoe ze met steeds meer eigentijdse
hulpmiddelen de oeroude klanken tevoorschijn toverden. Maar hun
extreme act had wel het meeste succes. Het was een mengeling van
woordloze zang, improvisatie en slagwerkgrooves die
hypnotiserend in kunnen werken op de luisteraar. Een keuze voor
oeroud en zeer modern. Het resultaat was een excentrieke en
fascinerende show. Een verrassende uitslag.
Gebeurtenissen: Liet 2003 en Liet Internationaal 2003
Plaats: Harmonie, Leeuwarden
Belangstelling: zaterdag 2500 bezoekers en zondag 900 bezoekers




